Tag: weilanden

  • Onder een boom in de nacht

    Onder een boom in de nacht

    De warmte van de dag is in de wind getrokken. Zoveel als wij naar de koelte verlangen, hij is uitgebleven. Zelfs de nacht is er door overvallen. Na een paar stappen hangt de hond haar tong uit haar bek en hijgt ze alsof zij al een einde heeft gerend. Zo kuieren we hier over een van de onverharde paden, tussen uitgedroogde weilanden, die naarstig behoefte hebben aan het lang uitgebleven vallend water. Even staan we hier stil, in het laatste licht van de dag dat nog net aan de horizon staat, zo onder een boom samen met de eerste sterren. 


    Ben zo terug – Bart

  • Mist

    Terwijl ik zucht komt mijn adem vrij als een wolk stoom uit een locomotief. De rijp heeft zich aan de uiteinde van de takken vast gezet. Het gras is groen en geel en op sommige plaatsen lichtbruin. De bruine bladeren knisperen onder mijn voeten. De lichte vorst had een laagje ijs gecreëerd over de plassen aan de rand van de weg. De bomen en bosjes omarmen de weg die door de weilanden loopt. Een schaap blaat vanuit een groep die om warmte te creëren dicht bij elkaar is gaan staan. Alles is aangeraakt door de vorst. Terwijl ik verder loop door de laan, richting de dijk, lijkt de lucht te veranderen. Een koude lichte motregen kwam op samen met een lichte mist die de tempratuur deed verlagen. Met iedere stap die ik zette leek de mist dichter te worden, het geluid verder van mij verwijderd, de wereld minder werelds.

    De omgeving was er niet meer. De punten van herkenning waren verdwenen. Meer dan een meter zicht kan er niet geweest zijn. Alsof mijn wandeling verplaatst was van de laan door de weilanden naar een wandeling in de wolken.

    Het werd zwaarder om vooruit te komen alsof ik omhoog liep. Uiteindelijk kwam ik boven de mist uit. Tot mijn verbazing was er niets! Ik weet niet waarom maar ik had verwacht tenminste de haan van de kerktoren boven het wit uit te zien komen. Maar er was niets. Het was werkelijk alsof ik boven de wolken was gekomen. Een oude man zat verderop met een lam op zijn schoot. Hij zat voor zich uit te staren, een tevreden glimlach om zijn mond. Toen ik hem benaderde en vroeg wie hij was, keek hij achter zich.

    hij keek mij met een meewarige blik aan; ‘Ik ben hier om de verdwaalde de weg terug te wijzen.’ Daarna leek hij door mij heen te kijken. Ik draaide mijn hoofd, om te zien waar hij naar keek, toen ik terug draaide was hij verdwenen. Zonder ook maar te zijn omgedraaid vond ik mijzelf in de dichte mist aan de rand van het dorp. De kerktoren nog nét zichtbaar.

    Ben zo terug – Bart