Tag: Klein

  • Overdenking daarboven

    Overdenking daarboven

    “De verleiding was groot hier boven op de berg te blijven. De koude aangename lucht, de mooie uitzichten en de grootsheid maakte alles in het dal onaangenaam. Warm, uitzichtloos en vooral klein. Maar er zat niet anders op dan weer naar beneden terug te keren. De warmte op te zoeken en de grootsheid achter te laten; op de plaats waar zij past. Tussen de rotsen door over het groene met kleine bloemen gevulde gras, daar op de rand waar gras weer over gaat in struiken en bomen. Fladderde een kleine vergeet-mij-niet-blauwe vlinder langs.”

    Dacht ik bij mijzelf, onderweg naar beneden.


    Ben zo terug – Bart

  • Donker

    Het bleef licht voor de auto. De lange, rechte weg door de weilanden, strekt zich onnatuurlijk voor mij uit. Een stem vertelt mij de route die ik moet volgen. Mijn volgende afslag is over twee en halve kilometer. Er is iets filmisch aan de afgelegenheid van de omgeving. Het begin van een onduidelijke horror die zich zal ontvouwen. Er schijnen kleine lichtjes bij een boerderij aan de kant van de weg. Het warme licht valt door de ramen naar buiten. Er is een gewoonte in de ruimte die rondom mij is. Een steeds grotere afstand ontstaat er tussen mij en de warmte van de gele stralen die uit de boerderij komen. Zo weinig licht is er dat het mij nog niet écht was opgevallen. Het was donker, meer dan normaal. Pas toen ik langs de weg moest zoeken naar het huis waar ik moest zijn. Juist omdat ik moest zoeken viel mij op dat de lantarenpaal niet meer scheen. In de achteruitkijkspiegel zag ik dat er geen enkele lantarenpaal meer op de weg scheen. Ik ging op zoek naar de boerderij die ik eerder was gepasseerd. Deze was opgeslokt door het donker. De wolken hielden het enige licht van de maan tegen. Een kleine wereld was er nog, alleen dát wat door mijn koplampen werd beschenen.

    Ben zo terug – Bart