Tag: Bergen

  • Naar boven

    Naar boven

    Als we dichterbij de zon komen voelt het kouder. We zijn hoog boven het landschap uitgestegen. Zover dat er niets meer groeien wil.  Na de boomgrens was het gras en wat verdwaalde struiken. Die zijn hier opgehouden te bestaan. Het is enkel steen en rots. En daar zo verdwaald tussen al dat zwaars en hards, staat een klein gebouwtje. Het hout, door het zonlicht en de tijd, grijs gebleekt. Daar zit in de deuropening een oude wijze man. Ik vroeg hem om wijsheid.

    Hij zei:

    “Vaak verliest men veel tijd omdat men een windstoot wil nalopen of een schaduw grijpen.”


    Ben zo terug – Bart

  • Wandeling I

    Het is zeven graden. De zachte regen heeft alles doorweekt. Sommige verdorde bladeren zijn krom getrokken en liggen als kommetjes, vol regenwater, op het pad. Water zijpelt langs de rotsen. De met mos begroeide stammen zijn het enige heldere groen. In de verte staan wat donkere dennen. Tussen de gele, nog aan de bomen hangende, bladeren steken de rode van een andere af. Het pad is verworden tot een stroompje, naast het pad is een stroompje verworden tot een razende witte massa. Het geluid van het water en het druppen van de bladeren overstemt het zachte getwiet, gefluit en gekraai. Het is alsof het water het bos nog stiller heeft gemaakt. Alleen de stappen. Het geritsel van onze voeten tussen de bladeren. Maakt nog een ander geluid.

    Ben zo terug – Bart