Categorie: 100 woorden augustus

  • Appels op het gras

    De takken zijn bedekt met korstmossen. Het is een fiere boom die met volle takken probeert te overtuigen dat hij nog leven heeft. De overvloed aan fruit buigt zijn takken als een treurwilg, kranig weert hij zich onder al dat gewicht. Als een loodswerker die blijft slepen met de waren uit het schip. Die door de hitte heen moet om een wagen in te laden. Maar van de warmte soms even uit balans raakt en wat morst. Zo vallen met een kleine plof af een toe kleine appelen naar beneden. Een last minder zo zonder het noodzakelijke water. 

    Ben zo terug – Bart

  • Sneeuw in steen

    Sneeuw in steen

    ‘Kijk eens wat ik gevonden heb!’ 

    ‘Kind wat mooi’

    ‘Het lijkt wel sneeuw’

    ‘Dat zou zomaar wel eens kunnen’ 

    ‘Opa! Dan was het toch allang gesmolten!’

    ‘De God van ijs en sneeuw en de God van de Bergen hadden heel lang geleden ruzie. Telkens als de god van sneeuw en ijs de bergen had besneeuwd dan gooide de god van de bergen er stenen overheen. Zo kwam de sneeuw tussen de stenen klem te zitten. Onder de druk van al die zware stenen werd de sneeuw samengeperst tot hele kleine kristalletjes; die net zo schitteren in de zon als sneeuw’



    Ben zo terug – Bart

  • Zomerwarmte

    Zomerwarmte

    Het is warm en droog, maar  vooral heel warm. Zo warm dat zelfs de bladeren herfstkleuren beginnen  aan te nemen. Zo af en toe drommen wolken zamen, sluiten de zon even buiten. Echt helpen doet het niet. Even lijkt het beter als er een simpel briesje opsteekt. Maar schijn bedriegt. De wind is warm; net zo warm als de rest van de wereld. De wolken dragen water, maar regen valt er niet. Als de wolken uiteen worden getrokken schijnt de zon met extra verve. Het ritselen tussen de bladeren zorgt voor een wolk van gele bladeren die naar beneden vallen.

    Ben zo terug – Bart

  • De erfenis II

    Na een paar dagen kwamen aan de verdorde stokjes twee blaadjes. Er gebeurde verder niets. Het verbaasde mij dat het nog leefde. Na een paar weken zag ik een groen puntje. Het knopje opende een maand later. Een spierwit bloemetje. Ik denk dat het een week heeft geduurd voordat ik het in de gaten had. Het was geel, nog licht maar duidelijk een andere kleur. Na een half jaar had het alle kleuren van de regenboog gehad en sloot de knop zich. Een derde blad vormde en de plant liet het knopje vallen, zoals bomen hun bladeren in de herfst.

    Ben zo terug – Bart

  • De erfenis I

    Het was een paar weken na het overlijden van een oudtante. Ik had haar nooit gekend, gezien of gesproken. Het was eigenlijk geen familie. Het was een vriendin van mijn overgrootmoeder. Zij waren samen opgegroeid en hadden hun hele leven contact gehouden. Uit haar testament bleek dat wij allemaal iets kregen. Iets wat, “niet van waarde”, was. Bijzonder, als iemand je iets geeft zonder dat jij diegene gekend hebt. Ik kreeg een plantje. Het was dood, dacht ik. “Geef het water en het zal je doen verbazen.” Stond in het kleine begeleidend schrijven. De krullende letters verraadde een oude hand.

    Ben zo terug – Bart

  • Eten

    Het is dinsdag, dat betekend pasta met kip en een bord spinazie. Misschien is het dieet wel iets teveel van het goede. Zou het niet beter zijn als ik… hij heeft het al zo vaak bedacht. Alleen de pasta, andere mensen kunnen ook met één bord eten toe. Eigenlijk bestaat zijn dieet alleen maar uit pasta’s en rijst met een beetje kip en groente. Tegenwoordig mag hij er van zichzelf een biertje bij. Als hij zijn bord heeft vol geschept loopt hij naar de eettafel waar acht lege stoelen op hem wachten. Al etend belooft hij zichzelf… morgen iets anders.

    Ben zo terug – Bart

  • Kleine fantasie III

    De beek was rustig en meanderde ver binnen zijn eigen oevers tussen droog gevallen zandbanken. De bomen aan de overkant van het water dunde uit en liepen uiteindelijk over in grasland. Voor nu waren we beschermt tussen de bomen en het riet dat langs de oever groeide.  Vanuit de verte klonk een stem echoënd tussen de bomen. Opeens was hij daar weer, de reus. Mijn hartslag versnelde. ‘Jongens jullie moeten eten. Julian’s moeder heeft al een paar keer geroepen’, zei hij. Tussen de bomen en de struiken door zochten we onze weg terug naar Julian’s achtertuin, huis en moeder’s avondeten.

    Ben zo terug – Bart

  • Kleine fantasie II

    Een kleine vogel kwam wild fladderend tussen de takken vandaan. ‘Hier’, Julian had iets te eten uit zijn rugzak gepakt. Het mos op de grond was zacht en voelde aan als een kussen. ‘Wij kunnen hier niet te lang blijven’, hij nam een hap en keek om zich heen. ‘Verderop is water, daar kan niemand ons zien’. Zijn hoofd draaide abrupt en hij zakte door zijn knieën, ‘hoorde je dat?’ siste hij. Ik keek of ik iemand zag. Takken breken niet vanzelf. Zo stil mogelijk bewogen wij ons richting het water. Verder tussen de bomen durfden wij gewoon te lopen.

    Ben zo terug – Bart

  • Kleine fantasie I

    ‘Achter de struiken!’ Julian duwde mij door een kleine opening tussen de takken. Ademloos verscholen wij ons, uit het zicht. Zware voetstappen kwamen recht op ons af. Mompelend bleef hij op het bospad staan. Het was zomer, de dagen warm en de schaduw onder de bladeren koel. Wij slopen verder tussen de takken terwijl de grote man zich om draaide en verder liep. Hij was lang, zeker over de twee meter, een reus in onze ogen. Zijn zware stem donderde tussen de bomen. Zijn blik eindeloos op de grond gericht. Achter een grote eik gingen wij op de grond zitten.

    Ben zo terug – Bart

  • Regen

    Zijn lichaam was bezweet. De koele lucht in de ochtend had het besluit te gaan rennen makkelijker gemaakt. Het was half zes toen hij de deur uit stapte. Vroeg genoeg om vóór de warmte weer thuis te zijn. Hij was eerst richting de dijk gerend. Had wat rek en strek oefeningen gedaan voor hij de dijk over liep om daar zijn vijf kilometer te rennen. In de ochtendstralen van de zon was er grijzer weer aan komen waaien. Toen hij weer aankwam bij zijn begin punt, was het begonnen met regenen. Alsof moeder natuur hem wilde schoonspoelen na zijn tocht.

    Ben zo terug – Bart